GroenLinks bespreekt: Onderzoek De Burger Centraal in Vlaardingen

De Rekenkamercommissie Schiedam Vlaardingen heeft een interessant onderzoek gedaan naar het functioneren van de Wijkteams. In de Commissie waarin het rapport werd besproken heeft GroenLinks gepleit voor een vaste werkplek in de wijk van de wijkteams.

Er zijn in Vlaardingen vier sociale wijkteams aan het werk onder toezicht van uitvoerder Minters. In het najaar van 2015 is onder cliënten van de wijkteams een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. De inwoners die met de wijkteams in contact zijn gekomen, zijn daar redelijk positief over. In Vlaardingen komt de gemiddelde waardering van de sociale wijkteams neer op een 7. Dat uit het klanttevredenheidsonderzoek naar de wijkteams een voldoende naar voren komt, is natuurlijk bemoedigend. Het verschaft echter beperkt inzicht in hoe inwoners en relevante stakeholders de werkwijze van de sociale wijkteams ervaren in het licht van de beoogde transformatie in het sociaal domein. Echter het cijfer 6.6  voor de profilering van de wijkteams laat zien dat de wijkteams er nog onvoldoende in zijn geslaagd een herkenbaar, onafhankelijk en duidelijk profiel van zichzelf te laten zien.

In het rapport van de RKC wordt verslag gedaan van het onderzoek naar het functioneren van de sociale wijkteams.Het perspectief van de inwoners én van de betrokkenen partijen heeft daarbij centraal gestaan: wat merken zij in de praktijk van de veranderingen in het sociaal domein die als gevolg van de drie decentralisaties zijn doorgevoerd in Vlaardingen?

Ik heb de vier conclusies voor jullie op een rij gezet:

  1. De gemeente Vlaardingen en de aanbieders zijn er goed in geslaagd de inwoners centraal te stellen bij de positionering van de wijkteams in de wijken. De wijkteams functioneren outreachend en betrekken in het algemeen het netwerk van cliënten waar dat mogelijk is. De inwoners van Vlaardingen zijn in het algemeen bekend met de wijkteams en ervaren de wijkteams ook als laagdrempelig. De wijkteams werken wijkgericht, outreachend en zijn op veel vindplaatsen in de wijk aanwezig. Een nadeel van deze werkwijze is dat de wijkteams minder herkenbaar aanwezig zijn op één fysieke locatie in de wijk.
     
  2. Er wordt in Vlaardingen tot volle tevredenheid van stakeholders en tweedelijns specialistische aanbieders integraal gewerkt. De samenwerking met ROGplus en Stroomopwaarts kan en moet beter. Een punt van aandacht is de casus-registratie die soms te wensen overlaat, hetgeen ten koste gaat van een integrale benadering van (gezins)problematiek. 
     
  3. De wijkteams in Vlaardingen zijn doorontwikkeld vanaf 1 januari 2015 en de stakeholders ervaren dat als een verbetering. Toch lopen ook de wijkteams regelmatig tegen grenzen aan: zij kunnen weliswaar kiezen voor snelle onconventionele oplossingen, maar hebben nog steeds temaken met andere (tweedelijns) zorgaanbieders die dat niet kunnen.
     
  4. Men is er in Vlaardingen goed in geslaagd de preventieve aanpak te verankeren in de werkwijze van de wijkteams, wat overigens niet wil zeggen dat alle problemen tijdig gesignaleerd worden. De samenwerking met huisartsen en onderwijsinstellingen verloopt goed. 

De wijkteams onderhouden nauwe contacten met instanties in de nulde lijn, waardoor ze voldoen aan een belangrijke voorwaarde om preventief te kunnen werken. Met de afstemming tussen algemene voorzieningen, eerstelijnszorg en de wijkteams is een goed begin gemaakt en inwoners worden door de stakeholders tijdig doorgestuurd naar de wijkteams. Toch stellen enkele stakeholders dat de wijkteams nog meer aandacht zouden kunnen hebben voor preventie en vroegsignalering. Er is sprake van korte lijnen tussen de wijkteams enerzijds en de huisartsen en scholen anderzijds. Ook zijner goede contacten met het buurt- en jongerenwerk. Voor Vlaardingen geldt dat een antwoord op de vraag of problemen tijdig gesignaleerd worden per definitie altijd ontkennend is: men kan er niet vroeg genoeg bij zijn. Wijkteammedewerkers realiseren zich dat, maar zien ook mogelijkheden in het versterken van de samenwerking met buurt- en jongerenwerk.

In de Commissie waarin het rapport werd besproken heeft GroenLinks gepleit voor het onderzoeken naar manieren om de sociale wijkteams een herkenbaar gezicht te geven in de wijk. Twee keer per week een spreekuur draaien in de wijk is toch wat anders dan daadwerkelijk een vaste werkplek te hebben in de wijk. Een plek waar de medewerkers de gehele week aanwezig zijn, van waaruit ze de wijk in gaan en waar ze afspraken kunnen maken met bewoners. De medewerkers van de wijkteams zijn nu maar 6 a 7 uur per week aanwezig in de wijk om spreekuren te draaien, vervolgens gaan ze terug naar het hoofdkantoor van Minters. Dit kan anders, een vaste werklocatie bij een wijkcentrum of buurthuis zal bijdragen dat de wijkteams daadwerkelijk wijkteams worden en niet een voorziening van Minters. De conclusies geven ook aanleiding tot een politieke discussie over de onafhankelijkheid van de wijkteams. Moeten de wijkteams verder als onderdeel van Minters of is het beter als de wijkteams los komen te staan van Minters? Een interessante discussie die we ook in de raad gaan voeren.

Citaat uit het rapport:

Met Minters als hoofduitvoerder bestaat in theorie de kans dat niet alle signalen over het feitelijk functioneren van de sociale structuur goed doorkomen bij de gemeente: ze moeten een lange weg afleggen én er speelt ook nog zoiets als het institutionele belang van Minters, hetgeenop zich geen probleem hoeft te zijn, maar het vormt wel een risico.

Voor degene die interesse hebben om het gehele rapport te lezen, in deze link het gehele rapport.
 

Met vriendelijke groet,

Fouad Akka
Steunlid fractie GroenLinks Vlaardingen